Ik heb slikproblemen door een zenuw- of spierziekte

In het kort

In het kort

  • Bij slikproblemen kunt u eten en/of drinken niet goed doorslikken.
  • U verslikt zich vaak of het eten blijft ‘hangen’ in uw mond, keel en/of slokdarm.
  • Met sliktraining kunt u leren om anders te slikken.
  • Soms is een operatie nodig om de ingang van de slokdarm wijder te maken.
  • Kunt u medicijnen niet goed doorslikken? Misschien kunt u ze in een andere vorm krijgen.

ORS

ORS is een oplossing van zouten en glucose (druivensuiker) in water.

Het wordt gebruikt bij waterdunne diarree en braken (overgeven).

Bron: Apotheek.nl
Wat is het

Slikproblemen bij zenuw- en spierziekten

U kunt last hebben van 2 soorten slikproblemen:

  • Verslikken. Het eten of drinken komt in de luchtpijp. Ophoesten lukt vaak niet door de zenuw- of spierziekte.
  • U krijgt eten niet goed weg. Het eten blijft ‘hangen’ in de keelholte en/of slokdarm.  

Slikproblemen komen onder meer voor bij:

Wat merk ik

Welke klachten komen voor bij slikproblemen?

  • Hoesten tijdens het eten.
  • Kokhalzen.
  • Een brok in uw keel.
  • Verlies van speeksel.
  • Minder zin om te eten of afkeer van eten.
  • Een slechte adem.
  • Angst om te stikken.
  • Vermagering.
  • Uitdroging.
  • Het eten of drinken kan weer omhoog komen nadat u heeft geslikt.
  • Het eten of drinken kan door uw neus naar buiten komen.
  • Het eten kan langer duren.
  • Knoeien tijdens het eten.
  • Uw stem kan na het eten anders klinken.
  • Longontsteking (als u het eten niet goed kunt ophoesten nadat u zich heeft verslikt).

Deze klachten maken het eten en drinken vervelend. U wilt misschien liever niet meer (samen met anderen) eten of drinken.

Sliktraining

Sliktraining bij slikproblemen

Bij een sliktraining leert u om op een andere manier te slikken. Bijvoorbeeld:

  • Slikken met uw kin op de borst.
  • Krachtiger slikken.
  • De stembanden dichthouden tijdens het slikken.
  • De luchtwegen langer dicht houden en de slokdarm langer open houden.

Sliktraining krijgt u van een logopedist die hierin gespecialiseerd is.

Bij een sliktraining kunt u ook leren om uw eten en drinken aan te passen. Bijvoorbeeld hard en taai eten zachter maken, en drank juist dikker.
Een diëtist kan u daarna verder helpen met recepten en adviezen voor eten met genoeg voedingsstoffen dat makkelijk te bereiden is.

Soms wordt sliktraining ondersteund met biofeedback.

Biofeedback bij sliktraining

Biofeedback bij slikproblemen werkt zo:

  • U krijgt elektroden onder de kin geplakt.
  • De elektroden meten wat de spieren in uw mond doen.
  • Dit wordt omgezet in een beeld of in geluid op een computerscherm.
  • U krijgt dus informatie (feedback) over spieren die u normaal onbewust gebruikt.

U leert de spieren onderin uw mond bewust gebruiken. Zo kunt u anders gaan slikken of die spieren sterker maken. Na 2 tot 4 sessies is meestal duidelijk of deze therapie bij u werkt.

ORS

ORS is een oplossing van zouten en glucose (druivensuiker) in water.

Het wordt gebruikt bij waterdunne diarree en braken (overgeven).

Bron: Apotheek.nl
Operatie

Slokdarm wijder maken bij slikproblemen

Een slokdarmverwijding is mogelijk als uw slokdarm vernauwd is. Eerst wordt een slikvideo gemaakt.
De arts ziet daarop hoe de bovenste sluitspier van de slokdarm en andere spieren in uw mond- en keelholte werken. Ook ziet hij of een operatie zinvol is.

Een kno-arts kan de bovenste sluitspier van de slokdarm insnijden. Dit gebeurt via een snee in de hals. U gaat hiervoor onder narcose.

De specialist kan de bovenste sluitspier van de slokdarm ook oprekken met een ballonnetje of inspuiten met botuline toxine. De sluitspier ontspant of verslapt daardoor. Dit gebeurt met een endoscoop. U gaat hiervoor onder narcose.
Het effect van botuline toxine verdwijnt na ongeveer 3 maanden. Botuline toxine werkt niet altijd bij een probleem met de bovenste sluitspier van de slokdarm.

Voor de operatie

Voorbereiding op de operatie

Afspraak met de specialist

U maakt een afspraak met de specialist. U bespreekt onder meer:

  • hoe de operatie gaat;
  • welke techniek bij u geschikt is. Als meer technieken mogelijk zijn, beslist u samen met de specialist welke u kiest;
  • als u medicijnen gebruikt: of en wanneer u daarmee moet stoppen voor de operatie. En wanneer u ze weer kunt gaan gebruiken;
  • wat u kunt verwachten na de operatie: wanneer u weer kunt eten, of u pijn krijgt, enzovoort;
  • het risico op eventuele problemen.

Schrijf uw vragen van tevoren op. Dan vergeet u niets te vragen tijdens het gesprek.
U kunt ook iemand meenemen naar het gesprek.

Afspraak met de anesthesioloog

U bespreekt van tevoren met de anesthesioloog hoe u verdoofd wordt:

  • volledige narcose. U merkt dan niets van de operatie.
  • plaatselijke verdoving met een roesje. Hierdoor slaapt u licht tijdens de operatie.

Nuchter zijn

Voor de operatie moet u nuchter zijn:

  • Vanaf 6 uur voor de operatie mag u niets meer eten. U kunt dan nog wel water, thee, koffie (zonder melk), vruchtensap (zonder vruchtvlees) of frisdrank drinken.
  • Vanaf 2 uur voor de operatie mag u ook niets meer drinken, behalve een slokje water als u medicijnen moet innemen.

Als u rookt

  • Roken is slecht voor uw herstel na de operatie. De wond geneest minder goed, de kans op een infectie is groter en de kans op benauwdheid en misselijkheid na de operatie is groter.
  • Probeer 6 tot 4 weken vóór de operatie te stoppen. Houd dat vol totdat de wond goed is genezen.
    Helemaal stoppen is natuurlijk nog beter voor uw gezondheid. 
Nadelen en risico's

Risico’s van een sluitspier/slokdarmoperatie

Risico’s van een sluitspier/slokdarmoperatie zijn:

  • Een kleine kans op een nabloeding en een wondinfectie.
  • Tijdelijk pijn bij het slikken.
  • De slikproblemen kunnen eerst wat erger worden.
  • Is de ingang van uw slokdarm wijder gemaakt? Dan kan uw eten uit de maag soms weer terugkomen in de slokdarm. Dit heet reflux. Het geeft een branderig gevoel in de slokdarm en soms een zure smaak in de mond.
  • Na een injectie met botuline toxine verslappen soms meer spieren dan alleen de bovenste sluitspier van de slokdarm. Dan krijgt u juist meer problemen met slikken. Dit gaat vanzelf weer over. Soms is wel tijdelijk sondevoeding nodig.
  • Er is een kleine kans op een gaatje in de slokdarm. Dit is ernstig en kan zelfs leiden tot overlijden.
Medicijnen

Medicijnen gebruiken als u slikproblemen heeft

Heeft u moeite om medicijnen door te slikken? Dan wilt u de medicijnen misschien in kleinere stukjes breken of vermalen. Maar dat kan niet altijd. Sommige medicijnen werken dan minder goed. Of u krijgt meer last van bijwerkingen. Vraag uw arts of apotheker om advies.

Andere oplossingen zijn:

  • De medicijnen innemen met dik vocht, zoals appelmoes, vla of yoghurt.
  • De medicijnen innemen met een slikgel (Gloup), een dikke vloeistof die niet met medicijnen reageert.
  • Misschien kunt u de medicijnen in een andere vorm krijgen, bijvoorbeeld als drankje of als zetpil.
Meer informatie

Meer informatie over slikproblemen

De informatie over slikproblemen is gebaseerd op de wetenschappelijke richtlijn voor medisch-specialisten, Orofaryngeale dysfagie.

Heeft u slikproblemen door een ziekte, zoals de ziekte van Parkinson, een spierziekte of hersenletsel? U kunt bij uw patiëntenvereniging terecht voor meer informatie over slikproblemen bij uw ziekte.

Algemene tips over voeding bij slikproblemen : Voedingstips bij kauw- en slikproblemen op Voedingenkanker.nl

Laatst herzien op

Vond u deze informatie nuttig?

Vond u deze informatie nuttig?
Heeft u nog een suggestie of opmerking? Dit is niet verplicht.
Kunt u toelichten waarom niet? Dit is niet verplicht.