Ik kies voor een kunstknie

In het kort

In het kort

  • Voor de operatie bespreekt de chirurg met u hoe de operatie gaat.
  • Met de anesthesist kiest u de verdoving (narcose of ruggenprik).
  • Rookt u? Probeer 6 - 4 weken vóór de operatie te stoppen.
  • Hoe sneller u na de operatie weer beweegt, hoe beter. U krijgt hiervoor oefeningen.
Wat is het

Wat is een kunstknie?

Een kunstknie vervangt het kniegewricht.

Een kunstknie bestaat meestal uit 3 delen: 2 van metaal en 1 van hard plastic.

De chirurg zet de metalen delen vast in uw boven- en onderbeen. Het plastic deel komt ertussenin. Zo kan uw knie soepel buigen. Deze operatie heet een knievervanging. 

Een kunstknie gaat 15 tot 20 jaar mee. Als de kunstknie versleten raakt, is vaak een nieuwe operatie nodig.
Zo nodig kunt u in beide benen een kunstknie krijgen. 

Voor de operatie

Voorbereiding op een knievervanging

Afspraak met de orthopedisch chirurg

U maakt een afspraak met de orthopedisch chirurg. De chirurg bespreekt onder meer met u:

  • hoe de operatie gaat.
  • welke kunstknie geschikt is.
  • als u medicijnen gebruikt: of en wanneer u daarmee moet stoppen voor de operatie. En wanneer u ze weer kunt gaan gebruiken.
  • wat u zelf kunt doen voor een goed herstel. Het kan bijvoorbeeld goed zijn om voor de operatie (extra) oefeningen te doen om uw spieren sterker te maken.
  • wat u kunt verwachten na de operatie.
  • welke nazorg u moet regelen. Bijvoorbeeld hulp bij uw huishouden, zorg voor uw gezin, opname in een revalidatiecentrum als u niet thuis kunt revalideren.

Schrijf uw vragen van tevoren op. Dan vergeet u niets te vragen tijdens het gesprek. U kunt ook iemand meenemen naar het gesprek.

Afspraak met de anesthesist

Ook heeft u een gesprek met de anesthesist. Deze arts zorgt voor de verdoving en pijnbestrijding tijdens de operatie. U kunt kiezen tussen narcose en een ruggenprik. 

  • Volledige narcose.
    U merkt dan niets van de operatie. U krijgt een buisje in uw keel voor uw ademhaling. Daardoor kunt u na de operatie keelpijn hebben.
    De kans op misselijkheid na de operatie is groter dan bij een plaatselijke verdoving.
    Na een narcose kunt u nog een paar dagen suf, slaperig en somber zijn.
  • Ruggenprik (een verdoving van de zenuw die pijn doorgeeft aan de hersenen).
    Deze verdoving vermindert ook de pijn na de operatie. Een nadeel is dat uw spierkracht korte tijd minder is.
    De kans op misselijkheid is veel kleiner dan na een narcose.

Bij de narcose of de ruggenrik krijgt u ook nog verdoving met pijnstilling in de operatiewond. Daardoor heeft u minder pijn na de operatie.

De anesthesist bespreekt wat in uw situatie mogelijk is en helpt u een goede keuze te maken.

De anesthesist vraagt u ook of u overgevoelig bent voor antibiotica. U krijgt antibiotica vóór de operatie. Ze verkleinen de kans dat u een infectie krijgt.

Fysiotherapie voor de operatie

Soms raadt de chirurg aan om voordat u geopereerd wordt, oefeningen te doen. Bijvoorbeeld om te oefenen met kruklopen, uw spieren sterker te maken of om te leren hoe u het risico op vallen vermindert. 

Stoppen met roken

Rookt u? Roken is slecht voor uw herstel na de operatie. Uw wond geneest minder goed, de kans op een infectie is groter en de kans op benauwdheid en misselijkheid na de operatie is groter.

  • Probeer 6 - 4 weken vóór de operatie te stoppen en houd dat vol totdat de wond goed is genezen. Helemaal stoppen is natuurlijk nog beter voor uw gezondheid.  
Operatie

Hoe gaat de operatie waarin u een kunstknie krijgt?

Voor een knievervanging wordt u ongeveer 2 dagen in het ziekenhuis opgenomen.
Soms kan de operatie in dagbehandeling. Dan kunt u dezelfde dag weer naar huis.

Nuchter zijn

Op de dag van de operatie moet u nuchter zijn.

  • Vanaf 6 uur voor de operatie mag u niets meer eten. U kunt dan nog wel water, thee, koffie (zonder melk), vruchtensap (zonder vruchtvlees) of frisdrank drinken.
  • Vanaf 2 uur voor de operatie mag u ook niets meer drinken, behalve een slokje water als u medicijnen moet innemen. 

De operatie

De chirurg maakt meestal een snee aan de voorkant van de knie. Op die plek zal een litteken ontstaan. De chirurg verwijdert de beschadigde delen van uw knie. Zo nodig past hij de vorm van het bot aan. Dan plaatst hij de kunstknie. Daarvoor zijn verschillende operatietechnieken mogelijk. De verschillende technieken geven even goede resultaten.

Het litteken is meestal rond de 20 centimeter lang, soms kleiner.  

Na de operatie

Nazorg in het ziekenhuis na knievervanging

  • Na de operatie krijgt u een aantal controles. Uw bloeddruk wordt gemeten en uw bloed gecontroleerd. 
    Het is mogelijk dat er een dun slangetje (drain) in de operatiewond zit. Door het slangetje wordt bloed en wondvocht uit de wond afgevoerd. Het slangetje wordt meestal na een dag weer verwijderd door een verpleegkundige.
  • Bijna altijd geldt: hoe sneller u uw knie weer beweegt, hoe beter. 
    Een fysiotherapeut of een verpleegkundige helpt met zitten, opstaan uit een stoel en lopen (eerst met krukken). 
    Probeer meerdere keren per dag te oefenen, ongeveer 20 tot 30 minuten per keer. De fysiotherapeut vertelt u welke bewegingen u voorlopig beter niet kunt maken en welke oefeningen goed voor u zijn.
  • U mag naar huis als u genoeg hersteld bent.
    Soms is het nodig om eerst naar een revalidatiecentrum te gaan waar u verder aansterkt en uw nieuwe knie leert gebruiken.
Risico's

Zijn er risico’s bij een operatie om een kunstknie te krijgen?

Risico’s bij een knievervanging zijn:

  • Wondinfectie.
    Uw knie is dan rood en pijnlijk. U kunt koorts hebben. Een infectie ontstaat meestal niet direct, maar na ongeveer 5 dagen.
  • Nabloeding.
    De kans hierop is het grootst in de eerste 24 uur na de operatie. U krijgt een drukverband om nabloeding te voorkomen.
  • Trombose (een bloedstolsel).
    Tijdens en na de operatie krijgt u medicijnen die de kans hierop verminderen. Dat zijn tabletten of injecties in uw buik of been. 

Soms ontstaan er problemen met de kunstknie. Bijvoorbeeld:

  • Uw knie buigt niet goed, omdat de knieschijf niet goed beweegt. Dan is een operatie nodig.
  • Het litteken kan erg stug zijn. De chirurg kan uw knie dan onder verdoving buigen zodat het litteken soepeler wordt.
  • Een infectie in de kunstknie.
    Bij een infectie wordt uw kunstknie schoongespoeld. Daarvoor maakt de chirurg uw knie opnieuw open door hetzelfde litteken. Alle onderdelen van de kunstknie worden schoongespoeld met een zoutoplossing.
    U krijgt ook antibiotica. Eerst via een infuus en later met pillen.
    Heel soms moet de kunstknie weer verwijderd worden. 
  • Meld bij elke medische ingreep dat u een kunstknie heeft.
Meer informatie

Meer informatie over kunstknie

Wilt u meer weten over knievervanging dan kunt u aanvullende betrouwbare informatie vinden op de website van:

  • Op Zorgkaart Nederland kunt u ervaringen met zorgverleners vinden en zelf zorgverleners waarderen.
  • Met behulp van de vergelijkingshulp knievervanging kunt u zoeken naar de zorgaanbieder die het best bij uw wensen past.
  • Met behulp van de consultkaart artrose in de knie kunt u zien welke mogelijke behandelingen er zijn en welke het beste bij u past.

De informatie over een knievervanging is gebaseerd op:

Laatst herzien op

Vond u deze informatie nuttig?

Vond u deze informatie nuttig?
Heeft u nog een suggestie of opmerking? Dit is niet verplicht.
Kunt u toelichten waarom niet? Dit is niet verplicht.