Ik krijg een operatie om endeldarmkanker te genezen

In het kort

In het kort

  • Bij een operatie bij endeldarmkanker haalt de chirurg het stuk endeldarm met de tumor weg en weefsel erom heen.
  • Zit de tumor dicht bij de anus, dan haalt de chirurg de endeldarm en de anus weg. U krijgt dan een stoma.
  • Als voorbereiding op de operatie kunt u eerst bestraald worden. Ook een combinatie van bestraling en chemotherapie is mogelijk.
  • Het is belangrijk dat u voor de operatie stopt met roken, genoeg beweegt en gezond eet.
  • Na 7 tot 10 dagen gaat u weer naar huis.
Wat is het

Wat is een operatie bij endeldarmkanker?

De endeldarm is de laatste 15 centimeter van de dikke darm, vlak voor de anus.

  • Tijdens een operatie bij endeldarmkanker verwijdert de chirurg het stuk endeldarm waar de tumor in zit. Daarna maakt hij de dikke darm weer aan het achtergebleven stukje endeldarm vast.
  • Zit de tumor heel dicht bij de anus, dan haalt de chirurg de hele endeldarm en de anus weg. U krijgt dan een blijvende stoma. Dit is een kunstmatige uitgang van de darm via de buikwand.

Bij beide operaties haalt de arts ook het omliggende weefsel weg. Daarin zitten ook lymfeklieren. Die worden onderzocht op uitzaaiingen.

De operatie bij een tumor in andere delen van de dikke darm gaat anders, zie operatie bij darmkanker.

De operatie kan op 2 manieren gedaan worden:

  • via een snee in de buik (openbuikoperatie)
  • met een kijkoperatie (laparoscopie)
Voorbereiden

Voorbereidende behandeling voor een operatie bij endeldarmkanker

Bestraling
Misschien krijgt u voor de operatie eerst bestraling:

  • Bij een oppervlakkige tumor zonder uitzaaiingen die in zijn geheel verwijderd kan worden: geen bestraling.
  • Bij een tumor die in 1 keer verwijderd kan worden, met mogelijke uitzaaiingen naar de lymfeklieren en/of verdere doorgroei: 5 bestralingen.
  • Bij grote tumoren met grotere lymfeklieren rond de tumor of een tumor die waarschijnlijk niet in 1 keer verwijderd kan worden: 25 bestralingen en chemotherapie (chemoradiatie).

Bij de bestraling worden met röntgenstralen zoveel mogelijk kankercellen vernietigd. De bestraling wordt zo precies mogelijk gemikt op de kankercellen. De cellen eromheen worden voor een deel wel mee bestraald.

Bestraling kan bijwerkingen geven, bijvoorbeeld:

  • diarree
  • vermoeidheid
  • pijn bij het plassen of vaker moeten plassen
  • bij vrouwen kan de vagina droger en nauwer worden
  • bij mannen kunnen erectieproblemen ontstaan

Sommige bijwerkingen gaan een paar weken na de behandeling over. Andere bijwerkingen zijn blijvend. 

Chemoradiatie
Denkt de chirurg dat hij de tumor niet helemaal kan verwijderen? Dan is bestraling plus chemotherapie vaak het beste. Dat heet chemoradiatie. De chemotherapie beschadigt de kankercellen zodat de bestraling krachtiger werkt. Het doel is om de tumor kleiner te maken.

U krijgt meestal tabletten met het middel capecitabine . U neemt elke dag een tablet in de periode dat u bestraald wordt. Meestal gaat het om een langere serie bestralingen van 5 weken 5 keer per week met een lage dosis straling per keer. Dus in totaal 25 bestralingen.

Mogelijke bijwerkingen van capecitabine zijn:

  • diarree 
  • huiduitslag en pijn aan handen en voeten
  • minder eetlust
  • zweren in de mond
  • vermoeidheid

Zowel bestraling als chemotherapie geven bijwerkingen. Doordat u een combinatie van de behandelingen krijgt, kunnen de bijwerkingen heviger zijn. Tijdens de behandeling kunt u medicijnen gebruiken tegen bepaalde bijwerkingen. De meeste klachten gaan meestal een aantal weken na uw behandeling vanzelf over.

capecitabine

Capecitabine is een kankerremmende stof (cytostaticum). Het remt de groei van sommige tumoren.

Artsen schrijven het voor als chemotherapie (chemokuur) bij kanker van de dikke darm, de endeldarm en het rectum (het laatste deel van de endeldarm), bij maagkanker of borstkanker.

Bron: Apotheek.nl
Behandeling

De dag van de darmoperatie

Draag op de dag van de operatie:

  • geen sieraden,
  • geen bodylotion,
  • geen piercings,
  • geen make-up,
  • geen nagellak,
  • geen kunstnagels.

Krijgt u 's ochtends een operatie?

  • Dan hoort u van de arts tot wanneer u nog mag eten.
  • Tot 2 uur voor de operatie mag u nog heldere dranken drinken, zoals water en thee. Een slokje water voor het innemen van medicijnen of bij het tandenpoetsen mag altijd.

Krijgt u ’s middags een operatie?

  • Dan mag u in de ochtend misschien nog wat eten. U maakt daarover afspraken met uw arts.
  • Tot 2 uur voor de ingreep mag u nog heldere dranken drinken, zoals water en thee. Een slokje water voor het innemen van medicijnen of bij het tandenpoetsen mag altijd.
Operatie

Hoe gaat een operatie bij endeldarmkanker?

  • De anesthesioloog brengt soms eerst een slangetje (katheter) tussen uw ruggenwervels aan. Door dat slangetje kan hij tijdens en na de operatie pijnstillende middelen toedienen.
  • U krijgt een infuusnaald in uw arm. Met deze naald krijgt u de narcose. U valt in slaap en voelt geen pijn tijdens de operatie.

Operatie waarbij een deel van de endeldarm wordt verwijderd

  • Krijgt u een kijkoperatie? Dan brengt de chirurg eerst koolzuurgas in uw buik. Hierdoor kan hij de organen in de buik beter zien. Dan brengt hij een soort kijkbuis (camera) in uw buik. Op een scherm ziet de chirurg het operatiegebied.
  • Bij een openbuikoperatie maakt de chirurg een snee in uw buik.
  • De chirurg verwijdert het deel van de endeldarm met de tumor. Ook de weefsels erom heen haalt hij weg.
  • Daarna maakt de arts de 2 delen van de darm weer aan elkaar. Dat gebeurt met hechtingen of met nietjes.
  • Ook de operatiewondjes worden dichtgemaakt.

Krijgt u ook een stoma?

  • De chirurg maakt een opening in de buikwand op de plek die u samen met de stomaverpleegkundige heeft bepaald.
  • De chirurg brengt een gezond deel van de darm via de buikwand naar buiten. Er is dan een klein stukje darm te zien op uw buik.
  • De chirurg hecht de darm vast aan de buikwand.
  • Onder de stoma komt soms een plastic staafje. Dit zorgt ervoor dat de stoma niet naar beneden zakt.

Operatie waarbij de hele endeldarm en de anus worden verwijderd (rectumamputatie)

  • Krijgt u een kijkoperatie? Dan brengt de chirurg eerst koolzuurgas in uw buik. Hierdoor kan hij de organen in de buik beter zien. Dan brengt hij een soort kijkbuis (camera) in uw buik. Op een scherm ziet de chirurg het operatiegebied.
  • Bij een openbuikoperatie maakt de chirurg een snee in uw buik.
  • De chirurg snijdt de endeldarm los van de dikke darm. Ook maakt hij de endeldarm, de lymfeklieren, (een deel van) en andere omringende weefsels los.
  • Dan snijdt de chirurg de anus los. Dit doet hij via de buitenkant. Dan haalt de chirurg de anus en de endeldarm naar buiten.
  • Voor de stoma maakt hij een opening in de buikwand op de plek die u samen met de stomaverpleegkundige heeft bepaald.
  • De chirurg brengt een gezond deel van de darm via de buikwand naar buiten. Er is dan een klein stukje darm te zien op uw buik.
  • De chirurg hecht de darm vast aan de buikwand.
  • Onder de stoma komt een plastic staafje. Dit zorgt ervoor dat de stoma niet naar beneden zakt.
  • De chirurg maakt de operatiewonden dicht. Ook de opening waar de anus zat wordt dichtgemaakt.

Het verwijderde stuk endeldarm en weefsel gaat naar het laboratorium. Het wordt daar onderzocht onder de microscoop.

Nadelen en risico's

Risico’s van een operatie bij endeldarmkanker

Een operatie bij endeldarmkanker heeft de volgende risico’s:

  • Ontstekingen, zoals een longontsteking, een ontsteking van de operatiewond of een blaasontsteking. U krijgt dan een antibioticakuur.
  • Een nabloeding. Na een operatie kan het gedeelte van de darm dat geopereerd is, gaan bloeden. Meestal is dat binnenin uw buik (inwendig). U moet dan misschien weer geopereerd worden.
  • Een bloedstolsel in het been of in de longen (trombose). U krijgt medicijnen om de kans daarop te verkleinen.
  • Lekkage bij de nieuwe verbinding van de darmen. Op de plek van hechtingen en nietjes kan een opening ontstaan. Daardoor lekt de 
inhoud van de darmen in de buikholte. Dit kan een buikvliesontsteking veroorzaken.
    Als de ontsteking niet overgaat, is een operatie nodig. U krijgt dan een stoma. Hoe dichter bij de naad bij de anus zit, hoe groter de kans op lekkage.
  • Zenuwbeschadiging. Bij een operatie aan de endeldarm bestaat er een kans dat zenuwen in het bekken beschadigd worden. Dit kan de volgende klachten veroorzaken:
    • Problemen met de blaas. Bijvoorbeeld vaak moeten plassen of incontinentie.
    • Bij mannen: impotentie of een zaadlozing die niet naar buiten komt maar in de blaas.
    • Bij vrouwen: een drogere vagina. Daardoor kan vrijen pijnlijk zijn.
    • Ontlasting moeilijker op kunnen houden. U merkt bijvoorbeeld niet goed dat u naar de wc moet of de kringspier werkt minder goed. U zult dan incontinentiemateriaal moeten gaan gebruiken. Sommige mensen kiezen voor een stoma.
  • Dunnere ontlasting of diarree. Na een jaar is dit meestal over. Toch kan de ontlasting altijd dunner blijven. U kunt de arts dan medicijnen vragen die de ontlasting dikker maken.
  • Pijn of een doof gevoel bij het zitten na verwijdering van de anus. Soms geneest de wond in dat gebied ook slecht. Er komt bijvoorbeeld pus uit. Het kan een paar maanden duren voordat de wond genezen is.

De klachten kunnen de eerste 2 jaar na de operatie minder worden. 

Bij de aanleg van een stoma kunnen ook problemen zijn:

  • Te weinig bloed naar het deel van de darm dat door de buikwand naar buiten komt. Als de opening te nauw is, wordt de stoma afgekneld. De stoma wordt dan blauw of donkerrood. De chirurg bekijkt of de stoma opnieuw moet worden aangelegd.
  • Zwelling en verkleuring van de stoma in de eerste weken na de operatie. Dit verdwijnt geleidelijk. Ook wordt het stoma na verloop van tijd meestal wat kleiner.

Ook na langere tijd kunt u nog problemen krijgen, zoals:

  • Uitpuilende stoma (prolaps). De darm wordt als het ware naar buiten gedrukt. Dit komt doordat er te veel druk op staat. Bijvoorbeeld door hoesten, persen of te zwaar tillen. Soms is een nieuwe operatie nodig.
  • Een breuk in de buikwand bij de stoma. Door een zwakke plek in de buikwand komt de inhoud van de buik naar buiten. Daardoor krijgt u een bult of zwelling dichtbij de stoma. U kunt geopereerd worden als u er veel last van heeft.
  • Een vernauwing door de vorming van littekenweefsel. Het kan dan helpen om de stoma op te rekken. Dit kan met uw vinger of speciale staafjes. Soms is een nieuwe operatie nodig.
  • Irritatie of ontsteking van de huid rond de stoma. Dit komt doordat er ontlasting op uw huid komt of doordat de huid geïrriteerd raakt door het zakje.
Revalidatie

De eerste dagen na een darmoperatie

Na de operatie gaat u terug naar de verpleegafdeling.

  • De verpleegkundigen komen vaak bij u kijken. Ze controleren bijvoorbeeld uw bloeddruk, de wonden en ze kijken of u goed doorademt en hoeveel pijn u heeft.
  • U krijgt vocht en voedingsstoffen met een infuus.
  • U heeft een slangetje in uw blaas (blaaskatheter). Uw urine wordt opgevangen in een zak.
  • U krijgt injecties tegen de vorming van bloedstolsels (trombose).

Na de operatie kunt u last hebben van: 


  • Pijn tussen uw schouders. Dat komt door het koolzuurgas dat de chirurg tijdens de kijkoperatie heeft gebruikt. Dit gas verdwijnt binnen enkele dagen. De pijn is dan ook weg. 

  • Bijwerkingen van de narcose. Bijvoorbeeld keelpijn, slaperigheid, heesheid, misselijkheid en overgeven.
  • Pijn door de operatie. U krijgt daarvoor pijnstillers. 

  • Verstopping of diarree. U kunt hier medicijnen tegen krijgen. 


Eten en drinken
U mag al vrij snel na de operatie weer eten en drinken. Vaak kan dat de dag na de operatie al. Dat is goed voor uw herstel.
Dit is ook zo als u een stoma heeft gekregen. Met een stoma kunt u in principe normaal eten en drinken. Wel kunnen sommige voedingsmiddelen zorgen voor gasvorming of de dikte van de ontlasting beïnvloeden. Dit is per persoon verschillend. U kunt advies van een diëtist krijgen.

Bewegen
Het is goed om snel na de operatie kleine stukjes te lopen. Een verpleegkundige kan u daarbij helpen. Dit helpt uw darmen op gang te komen. Bewegen verkleint ook de kans op het ontstaan van bloedpropjes (trombose).

Stoma
U krijgt hulp van de stomaverpleegkundige met de verzorging van de stoma. Ze laat u verschillende opvangmaterialen en systemen zien. Samen kiest u de materialen die voor u het meest geschikt zijn. U gaat oefenen met het verschonen van de zakjes. Ook leert u hoe de huid rond de stoma het beste kunt verzorgen. Het is belangrijk dat u met uw stoma kunt omgaan voordat u naar huis gaat.
Het staafje dat de chirurg soms tijdens de operatie onder de stoma zet, kan er meestal na 10 dagen uitgehaald worden. Dit doet de stomaverpleegkundige. Het doet geen pijn.

De uitslag van het weefselonderzoek
Na ongeveer een week krijgt u de uitslag van het weefselonderzoek. Afhankelijk van de uitslag kunt u het advies krijgen om een aanvullende behandeling te kiezen, bijvoorbeeld chemotherapie of bestraling.

Naar huis

Weer naar huis na een endeldarmoperatie

De meeste mensen kunnen 7 tot 10 dagen na de operatie naar huis. Van een kijkoperatie herstelt u gemiddeld 2 dagen sneller dan van een operatie via een snee in de buik.

U kunt naar huis:

  • Als u zelf voelt dat u naar huis kunt.
  • Als u normaal kunt eten.
  • Als u weinig of geen pijn heeft. Het is normaal dat de operatiewond nog een beetje pijn doet.
  • Als u uw stoma kunt verzorgen. Natuurlijk kunt u hierbij hulp vragen van de thuiszorg of uw partner.

Wat kan wel/niet?

  • Lichte huishoudelijke klusjes kunt u weer doen. U kunt de eerste 6 weken beter geen zware dingen tillen.
  • U mag douchen met de wonden. Ook met een stoma kunt u onder de douche. In bad en zwemmen kan pas als de wonden helemaal dicht zijn.
  • U kunt 3 tot 4 keer per dag paracetamol gebruiken als u pijn heeft.
  • Zijn uw endeldarm en anus verwijderd (rectumamputatie)? Dan kunt u nog niet goed zitten. U kunt bij de Thuiszorgwinkel een speciaal kussen bestellen (in een donutvorm). Geneest de wond tussen uw billen niet goed? Dan kan de wijkverpleging de wond bij u thuis komen spoelen.

paracetamol

Paracetamol werkt pijnstillend en koortsverlagend.

Het is te gebruiken bij verschillende soorten pijn zoals, hoofdpijn, migraine, koorts, griep, verkoudheid, keelpijn, bijholteontsteking, middenoorontsteking, oorpijn door gehoorgangontsteking, artrose, spierpijn, gewrichtspijn en menstruatieklachten.

Bron: Apotheek.nl
Hoe gaat het verder?

Hoe gaat het verder na een endeldarmoperatie?

Controles
Bij uw eerste controle in het ziekenhuis controleert de arts of verpleegkundige de wonden en vraagt hoe het met u gaat. De arts kijkt of u niet te veel bent afgevallen. Ook bespreekt u met de arts of u last heeft van gevolgen van de operatie. Voor sommige problemen zijn medicijnen of andere oplossingen.

U krijgt ook de uitslag van het weefselonderzoek als u die in het ziekenhuis nog niet had gekregen. Afhankelijk van de uitslag kunt u het advies krijgen om een aanvullende behandeling te kiezen, bijvoorbeeld chemotherapie. Link

Bij 5 tot 10 van de 100 mensen die behandeld zijn voor endeldarmkanker komt de ziekte terug. Daarom blijft u nog 5 jaar onder controle.

Weghalen van een tijdelijke stoma
Heeft u een tijdelijke stoma? Dan wordt u na 2 tot 3 maanden weer geopereerd. Bij die operatie haalt de chirurg de stoma weg.

Dagelijks leven
Heeft u een stoma en/of rectumamputatie gehad? Dan zult u de eerste tijd waarschijnlijk erg moeten wennen. Dat geldt ook als u na de operatie incontinent voor ontlasting bent geworden of seksuele problemen heeft gekregen. Sommige mensen krijgen hierdoor psychische klachten.

U kunt erover praten met de stomaverpleegkundige, uw huisarts of uw arts in het ziekenhuis. Ook lotgenotencontact kan prettig zijn. U kunt daarvoor terecht bij de Stomavereniging of Stichting voor patiënten met kanker aan het spijsverteringskanaal.

Wanneer bellen

Wanneer contact opnemen na een endeldarmoperatie?

Neem contact op met uw arts bij:

  • koorts
  • rillingen
  • een bloeding van de operatiewond of de wond tussen uw billen
  • buikpijn of een opgezwollen buik
  • misselijkheid of overgeven
  • hoesten of kortademigheid
  • verstopping of diarree die niet overgaat
  • rode en pijnlijke huid rond de operatiewonden
  • vocht of pus uit de operatiewonden
  • verkleuring van de stoma (blauw, donkerrood, zwart of juist heel bleek)
  • zwelling van de stoma
  • bloedverlies uit de stoma (bloed in het stomazakje)
Meer informatie

Meer informatie over darmkanker

Wilt u meer weten over darmkanker dan kunt u aanvullende betrouwbare informatie vinden op de website van:

    Voor contact met lotgenoten kunt u terecht bij de Stichting voor Patiënten met Kanker aan het Spijsverteringskanaal.

    Met behulp van de patiëntenwijzer darmkanker kunt u zoeken naar de zorgaanbieder die het best bij uw wensen past.

    De informatie over darmkanker is gebaseerd op de richtlijn Colorectaal carcinoom (2016). 

    Laatst herzien op

    Vond u deze informatie nuttig?

    Vond u deze informatie nuttig?
    Heeft u nog een suggestie of opmerking? Dit is niet verplicht.
    Kunt u toelichten waarom niet? Dit is niet verplicht.